Trent

Producent
“We halen zoveel meer uit ons werk door te handelen vanuit vertrouwen in plaats van wantrouwen.”
Twaalf jaar geleden werd Trent, een gepassioneerde filmproducent, uitgedaagd om duurzamer te gaan werken. Wat begon als een competitieve impuls groeide al snel uit tot een diepgewortelde toewijding aan duurzaamheid. Zijn reis in de filmindustrie is er één van enthousiasme, voldoening en het geloof dat de hele sector nog beter kan worden ondersteund in groen produceren.

“In 2012 nam ik deel aan de Green Film Making Competitie van de organisatie Strawberry Earth, en dat was een keerpunt in mijn carrière als filmproducent. Eerlijk gezegd deed ik in eerste instantie mee vanwege het competitie-element. Duurzaamheid was destijds eigenlijk een leuke bijzaak voor mij. Maar toen twee van onze films werden geselecteerd, zette dat me aan het denken: waarom doen we eigenlijk niet ècht aan duurzaam produceren?

Het doet me denken aan mijn beslissing om op mijn 16e vegetariër te worden. Destijds was het echt een statement, een beetje tegendraads. Maar al snel besefte ik dat het niet alleen ging om rebelleren, maar om een dieper principe. Waarom zouden dieren moeten sterven voor mijn voeding? Mijn veranderingen beginnen vaak intuïtief, maar naarmate ik er meer naar leef, en over lees en nadenk, realiseer ik me pas waarom ik het doe: vanuit een impuls ga ik naar een verdieping.”

“… ik wilde de competitie winnen, waardoor ik aan het denken werd gezet: waarom doen we eigenlijk niet ècht aan duurzaam produceren?”

“Tijdens onze producties voor de competitie namen we voor het eerst de stap om niet meer te printen en geen plastic bekertjes te gebruiken en meer van dat soort beslissingen (“dit was dus 12 jaar geleden, hè”) waardoor we aanzienlijk minder afval genereerden. Na slechts drie draaidagen hadden we maar een kwart vuilniszak gevuld, ten opzichte van de gebruikelijke zes vuilniszakken per draaidag, en dat was echt een eyeopener voor ons allemaal. Het deed ons echt beseffen: waarom creëren we eigenlijk zoveel afval?

Afval verminderen is voor mij een heel concreet voorbeeld van duurzamer werken. Daarom vond ik het zo gek dat afvalreductie niet werd meegenomen in de beoordeling van producties binnen de Green Filmmaking Competitie destijds. De duurzaamheid van de deelnemende producties werd beoordeeld aan de hand van rekenmodellen, zoals het Britse rekenmodel Albert, en afval kon daar niet in meegenomen worden. Het lastige met de rekenmodellen was, en is, dat je iets probeert te meten wat eigenlijk niet meetbaar is. Je begint met het bepalen van de uitstoot van een productie zonder duurzame interventies, om vervolgens een nieuw, duurzaam plan op te stellen en daar de uitstoot van te berekenen. Dit werkt prima voor een presentatie, en ik begrijp dat er politieke verantwoording moet zijn, maar het blijft nattevingerwerk. Je weet namelijk niet precies wat je anders had gedaan, omdat je de productie niet op die manier hebt gedraaid. Ik begrijp dat dit systeem er moet zijn, maar ik zou graag de bestaande rekenmodellen willen aanpassen om ze beter te gebruiken. “

“Na drie draaidagen hadden we maar een kwart vuilniszak, in plaats van de gebruikelijke zes na één enkele draaidag.”

“Het bijhouden van je daadwerkelijke uitstoot is dan wel weer handig, omdat je deze naderhand kan compenseren. Hoewel dit tijdens de competitie minder aan de orde was, is het de laatste paar jaar steeds belangrijker geworden.

Sinds die competitie, inmiddels ruim 10 jaar geleden, ben ik duurzaam blijven produceren. Natuurlijk was het winnen leuk, maar wat mij echt voldoening geeft, is het bewustzijn dat een duurzame set teweegbrengt bij iedereen die ermee in aanraking komt. Als producent heb je namelijk de mogelijkheid om een hele cast en crew bewuster te maken en te inspireren, niet alleen tijdens één project, maar voor het hele leven. Het is geweldig om te zien hoe mensen na een productie ook thuis hun afval beginnen te scheiden, of hoe kostuumontwerper Manon Blom nog steeds praat over duurzame keuzes die ze heeft toegepast tijdens de duurzaam geproduceerde speelfilm Narcosis. Die kleine veranderingen, dat is waar ik echt van geniet. Het feit dat we dit kunnen bereiken met het medium film, maakt me gelukkig en geeft me de energie om hier nog vele jaren mee door te gaan.

Mijn prioriteiten zijn sindsdien verschoven. Als je serieus wilt zijn over duurzaamheid in een productie, moet je er vroeg bij zijn. Je moet maanden van tevoren beginnen om iedereen aan boord te krijgen. Als duurzaamheid eenmaal de prioriteit is van iedereen, hoef je tijdens het filmen niet meer te denken: “o nee, we zijn iets vergeten op het gebied van duurzaamheid”.

Het is eigenlijk nog nooit voorgekomen dat iemand niet wilde meewerken aan het verduurzamen van de set, maar mensen hebben soms wel wat aanmoediging en vertrouwen nodig om hun werkwijze aan te passen. Ik begrijp dat wel. Sommigen voelen zich misschien ontmoedigd door de schrijnende problemen in de wereld en vragen zich af: “heeft het wel zin wat ik doe?”. Ik vind het juist leuk om deze mensen mee te krijgen in de groep. Wat er gebeurt in die gesprekken over duurzaamheid voordat de opnames beginnen, is echt inspirerend.

Laatst hadden we bijvoorbeeld een duurzaamheidssessie voor een korte film met de heads of department. Veel van hen waren erg enthousiast over duurzaamheid, wat mijn eigen enthousiasme weer aanwakkerde. Maar wat me minstens zo blij maakt, zijn de mensen die aanvankelijk wat weerstand tonen en aan het einde van de sessie toch met hun eigen geweldige ideeën komen om duurzamer te werken. Het is niet zo dat ik zendingsdrang heb. Ik ben niet iemand die anderen per se wil overtuigen, of in discussies treedt om ze te winnen; ik wil juist dat iedereen zich gehoord voelt. Maar het is geweldig om te zien hoe mensen uit eigen beweging kiezen voor duurzaamheid en bewuster omgaan met het milieu en elkaar. Als een crew na zo’n gesprek zelf actief gaat nadenken over verbeteringen, raakt dat me echt. Op wat voor manier je bewustzijn creëert, dat moet je zelf weten, maar het is een belangrijke taak waar je als producent altijd mee kunt beginnen.”

“Op wat voor manier je bewustzijn creëert, dat moet je zelf weten, maar het is een belangrijke taak waar je als producent altijd mee kunt beginnen.”

“Om terug te komen op de uitstoot. Het is onvermijdelijk dat een filmproductie uitstoot genereert, dus compensatie is essentieel. Persoonlijk kies ik ervoor om geld te doneren aan kleine stichtingen die CO2-compensatie uitvoeren, omdat ik zo zeker weet dat mijn bijdrage effect heeft.

Voor de speelfilm Narcosis hebben we de uitstoot gecompenseerd door een tropisch regenwoud in Ecuador te beschermen. En bij de korte film Ik ben geen robot hebben we geld gedoneerd aan een voedselbos van Booming Bomen. Het was geweldig om een foto te ontvangen van ons Narcosis-bos, die ik kon delen met het team als een tastbare herinnering aan onze duurzame inspanningen. Het geeft me een geweldig gevoel, en ik geloof dat het team er net zo van geniet. Ik heb zelf een sterke voorkeur voor projecten met bomen, omdat ze zo concreet zijn en ons leven mogelijk maken door zuurstof te produceren. En bomen kunnen ons overleven.

Wat producenten zou kunnen helpen, nog meer dan een goed functionerend rekenmodel, is een groene bonus of incentive voor het produceren van een duurzame film. Het aannemen van een ecomanager en het compenseren van uitstoot brengen kosten met zich mee. Gelukkig zijn deze niet buitensporig hoog. Voor Narcosis heb ik bijvoorbeeld 15.000 euro uitgegeven ten behoeve van de duurzaamheid, slechts een klein deel van ons totale budget van 1,8 miljoen euro.

Als ik dat bedrag zou krijgen via een incentive, zou ik me gezien voelen in de missie te verduurzamen en het gevoel hebben dat ik serieus word genomen in mijn werk. Dit bedrag zou dan niet voorgefinancierd moeten worden, want dan loop je kans dat het in de totale productiepot belandt. Ik stel voor dat producenten een begroting opstellen voor de duurzame kosten, ongeveer 2 tot 3 procent van het totale budget. Bij de afrekening kan dan worden gekeken naar de werkelijke kosten en opbrengsten. Dit bedrag wordt vervolgens uitgekeerd als beloning, en de gedetailleerde afrekening kan worden gebruikt als waardevolle input voor toekomstige projecten. Als we deze informatie effectief met elkaar kunnen delen, kunnen we samen een stap vooruitzetten naar een duurzamere filmindustrie.”

“Wat mij als producent zou helpen, is een groene bonus of incentive wanneer je je film groen hebt geproduceerd.”

“Ik ben echt enthousiast over het idee van meer openheid en kennisdeling binnen onze industrie. Het zou geweldig zijn als producenten meer zouden delen over de kosten en best practices op het gebied van duurzaamheid. Ja, het kost misschien wat extra tijd en inzet, maar ik geloof dat het de moeite waard is. We kunnen bijvoorbeeld extra voorbereidingstijd inplannen en onze crewleden meer waardering tonen door ze beter te betalen voor hun duurzame inspanningen. Hierdoor gaan ze ook voelen dat wij als producent en regisseur het heel belangrijk vinden voor de film, en dat gevoel straalt door in de gehele cast en crew.

Iedereen op de set moet gelijk behandeld worden om te kunnen verduurzamen. Als producent en als mens vind ik het belangrijk om vertrouwen en gelijkheid uit te stralen. Ik spreek iemand er echt wel op aan als die zich niet goed gedraagt op de set, maar zou dat nooit en plein public doen. Op de set ben ik graag actief betrokken en help ik mee met allerlei taken, zoals het opruimen van afval en het doen van de afwas. Het geeft me voldoening om te weten dat ik een positieve bijdrage lever, en tegelijkertijd zorg ik ervoor dat ik als iemand van de crew wordt gezien, zodat het oké is dat de producent er is in plaats van dat er wordt gedacht ‘oh jee, er is een producent op de set.’

Ik zie het als een uitdaging om de perceptie van de afstandelijke producent te veranderen. Het is niet mijn doel dat iedereen van producenten houdt, maar ik wil wel helpen om vooroordelen te verzachten omdat niet ieder mens hetzelfde is. We halen zoveel meer uit ons werk, en leven trouwens, door te handelen vanuit vertrouwen in plaats van wantrouwen.”

“We halen zoveel meer uit ons werk door te handelen vanuit vertrouwen in plaats van wantrouwen.”

“Momenteel ben ik met makers aan het brainstormen over onze volgende films, en duurzaamheid is nu al een onderdeel van het ontwikkelingsproces. We willen juist duurzaamheid of bewustwording creëren met de karakters van de film, zonder met een vingertje te wijzen. Als het voor het karakter niet uitmaakt om boodschappen te doen op de markt in plaats van bij de Albert Heijn kan je daar gewoon voor kiezen. Misschien zal één van de films zelfs over de actuele klimaatsituatie gaan.

Als bedrijf heb ik bewust besloten om niet te groeien, omdat ik het ook zie als een duurzame keuze om met een kleinere groep makers te werken. Ik wil mijn vak op de meest menselijke manier uitoefenen, en dat betekent ook bewust omgaan met de keuzes die we maken. Hoewel veel van mijn beslissingen intuïtief zijn, hecht ik er wel waarde aan om altijd respectvol te zijn, en dat verwacht ik ook van anderen.”

Urban Street Forest

Harm Bredero

Harm

Harm Bredero is belichter en bedenker van de Setsink. Als ambassadeur van Urban Street Forest helpt hij de filmindustrie met het compenseren van de CO2-uitstoot van producties door het planten van bomen, die bijdragen aan de vergroening en verrijking van gebieden die door uitdroging worden bedreigd. Het maakt niet uit hoever je bent met verduurzamen, bijdragen aan het planten van bomen is altijd een goed idee.

Cateraar

Sandra

Ondanks alle beperkingen gaat Sandra Bieshaar van S&S Catering stug door met het verduurzamen van Nederlandse filmsets. Want iedere keer dat ze ziet wat er door eensgezindheid en een goed plan bereikt kan worden draagt bij aan het bewijs dat we in Nederland films kunnen maken met minimale belasting voor de aarde.

Producent

Trent

Twaalf jaar geleden werd Trent, een gepassioneerde filmproducent, uitgedaagd om duurzamer te gaan werken. Wat begon als een competitieve impuls groeide al snel uit tot een diepgewortelde toewijding aan duurzaamheid. Zijn reis in de filmindustrie is er één van enthousiasme, voldoening en het geloof dat de hele sector nog beter kan worden ondersteund in groen produceren.

doe mee

kom in contact

Mis je iets, of heb je een aanvulling? Laat het ons weten!